Posts tagged ‘Den Haag’

augustus 14, 2014

Apartheid en demonstratievrijheid

ISIS komt ook langsAls vanavond Jozias van Aartsen de demonstratie van 20 september aanstaande gaat verhinderen, begrijp ik dat ten volle. En om geheel andere redenen, ben ik het met hem eens. Het is niet onwaarschijnlijk dat die redenen ook het werkelijke argument vormen die demonstratie te verhinderen.

Ook al zijn er sterke aanwijzingen dat die demonstratie vanuit de demonstranten zelf vreedzaam zal zijn, zal het effect ervan alles behalve vreedzaam zijn.

Nu kosten ongeregeldheden wegens de politiële inzet en de materiële schade die er uit voortvloeit de samenleving veel geld. Dat op zich is al een reden die te voorkomen waar dat redelijkerwijs mogelijk is.

Maar het gaat hier om een vreedzame demonstratie die om redenen van dreiging die er van ISIS-adapten uitgaat verhinderd gaat worden. Nu ben ik zelf geen liefhebber van demonstreren omdat het gevecht om het bezit van de straat nooit veel goeds opgeleverd heeft. Maar het gaat hier en nu om iets meer dan om de macht op straat. Het gaat om de vrijheid die wegens de dreiging van ISIS-adepten beknot wordt.

Jozias van Aartsen beseft dat niet alleen, maar weet ook dat wanneer op 20 september die demonstratie doorgang zou vinden het risico levensgroot is dat er zich tonelen gaan afspelen die in andere delen van Nederland de ogen bruusk zullen openen. Er zal mee aangetoond worden dat de straat al ingenomen is en dat dit de reden is de vrijheid van demonstratie eenzijdig te beknotten.

Als er brede stromen boze moslims met vlaggen van vreemde naties, ISIS en hakenkruisen door overwegend blanke buurten gaan, staan er langs de kant geen boze Joden of islamcritici met stenen te smijten. Een vreedzame demonstratie door een overwegend islamitische wijk is daarentegen wegens de dreiging van de zijde van ISIS-adepten een reden die te verhinderen.

De ISIS-adepten die in de Schilderswijk illegaal de legitieme demonstratie van ISIS-tegenstanders aan banden wisten te leggen, hebben hier hun overwinning op de vrijheid van meningsuiting behaald.

Het valt bovendien niet uit te sluiten dat extreemlinkse krachten likkebaardend (in die kringen is het dragen van een baard immers al net zo vanzelfsprekend als onder ISIS-adepten) naar een concordaat tegen het vermeende racisme smachtend, de Haagse jihadisten een handje komen helpen. Vreemde pacten hebben in de historie wel vaker tot verwondering geleid, zo herinneren ons nog van het Molotov-Ribbentroppact.

Met de beperking van het demonstratierecht kan Jozias van Aartsen dan wel proberen te verhinderen dat er zaken aan het licht komen die nog niet bij alle Nederlanders bekend zijn, maar daarmee komt tegelijk ook iets anders aan het licht. Namelijk, dat er kennelijk een apartheid ontstaan is over wie wel en niet mag demonstreren voor de lieve vrijheid.

Je kunt zoiets wel opschrijven in een column, maar bewijs maar eens dat het is zoals het is. Dus hier ongeveer ligt de werkelijke reden van Jozias van Aartsen de demonstratie van 20 september te verhinderen. Namelijk, het ontnuchterende feit dat de straat reeds opgeëist is.

Tenzij hij tot het inzicht komt dat niet moslims in Den Haag de dienst uitmaken maar Den Haag voor alle Hagenaars is en dus tot het besluit komt ondanks de dreiging van de aanstaande moordenaars van Syrië en Irak, het demonstratierecht ook hier toe te passen.

Misschien zouden de redelijke moslims, die toch graag beweren dat ze niet radiaal zijn, hier ook een duit in het zakje kunnen doen door bij de burgemeester er op aan te dringen dat het demonstratierecht voor iedereen geldt.

Maar de kans dat moslims zelf het bewijs zullen leveren dat ze zo gematigd zijn als ze zelf graag beweren te zijn, zal hier hoogstwaarschijnlijk achterwege blijven.

Dus…

Advertenties
augustus 12, 2014

Jihadcity en Mali

Leonid AartsenHet is fijn te weten dat het Nederlandse leger in Mali het moslimextremisme te lijf gaat. Minder aangenaam is het dat in ons eigen land (zolang het nog zo genoemd mag worden) het nog steeds roeien zonder riemen is als je moet toezien hoe ISIS-aanhangers in Den Haag hun gang kunnen gaan. Het stenen gooien deed aan de Westbank denken, de politiële afgang aan het tegenovergestelde van wat Israël zich laat welgevallen.

Den Haag, inmiddels Jihadcity genoemd, blijkt zoals ik hier al eerder schreef ongeveer de ergste stad van Nederland te zijn. In geen andere stad konden bij Anti-Israël demonstraties moslims zo extreem tekeer gaan als juist in mijn vroegere woonstad. De Schilderswijk, toch zonder de oude huizen die er vroeger stonden, maar waar de oude autochtone bevolking naar redelijke tevredenheid woonde, blijkt het bruggenhoofd te zijn van ISIS.

Waar toch die goedwillende niet radicale moslims waren toen die afgelopen zondag eindelijk in de gelegenheid waren hun extremistische geloofsgenoten bij de strot te grijpen, is een raadsel. Maar om wat preciezer te zijn, was het ook een bewijs dat zij helemaal niet zo gematigd zijn als ze de Nederlanders willen laten geloven.

Die misschien honderd of paar honderd ISIS-fanaten hadden zondag makkelijk door een paar duizend goedwillende moslims hun huis in gejaagd kunnen worden. Maar ze bleven liever vanuit hun ramen toekijken hoe dit schouwspel zich ontwikkelde. Hadden ze eindelijk de kans en gelegenheid te tonen dat ze zich niet door het moslimextremisme laten meeslepen, bleven ze passief toekijken. Of misschien nog erger, want helemaal valt niet uit te sluiten dat het machtsvertoon van ISIS in Den Haag hier en daar een lekker gevoel gaf.

Aan dit macabere schouwspel in Den Haag zit echter nog een “bijvangst” voor de rechtgeaarde islamcriticus. Hoezeer marxisten en ander links ook trachten het steeds verder aftakelende beeld van de islam schoon te wassen, ook onder het linkse stemvee begint de ongerustheid toe te slaan.

Het doembeeld dat de wijken waar het huist ook ooit toneel van dit ongerief kunnen worden, gaat in die kringen angstige proporties aannemen. En dat valt nu al op te maken aan de pers, die nu zelf ook verscheidene keren slachtoffer geworden is van stenengooiende en journalisten bedreigende ISIS-aanhangers.

Ruim 10 jaar als islamcriticus stukken schrijven lijkt nutteloos bij al het ongerief dat de islam en moslims zelf aan de historie toevoegen. Daar kun je moeiteloos de stelling aan verbinden dat iets eerst heel veel erger moet worden wil men tot een passend antwoord bereid zijn. En dat heel veel erger is een proces dat zich de afgelopen tijd juist in Den Haag afgespeeld heeft. Voor een zachte heelmeesters maken stinkende wonden is het nu te laat. Haagse jihadisten hebben in Syrië en Irak al onthoofdingen gepleegd, gevangenen gemitrailleerd en delen van Den Haag in hun zak.

Het wachten is nu op politici die bereid zijn niet Mali maar Nederland te beschermen. Maar de vrees is gegrond dat het voor hen nog niet erg genoeg is om tot dat inzicht te komen.

De verkeerde politici op de verkeerde plaats zijn bezig van Nederland een ruïne te maken. En zoals het zich laat aanzien, gaat dat ze ook nog lukken.

 

juli 27, 2014

Den Haag, het vuil, de stad en de dood

Den HaagIn de Haagse schilderswijk vond afgelopen donderdagavond en voor wat de stad betreft in successie een antisemitisch joelfeest plaats waarbij de politie ook deze keer toekeek en zelfs passief bleef toen de vrije nieuwsgaarders bedreigd werden. Waarschijnlijk ter lering ende vermaak en in opdracht van burgemeester Jozias van Aartsen, hielden ze hun handen in de zakken gestoken. Toch is dit incident niet vreemd aan Den Haag.

Den Haag kwam de twijfelachtige eer toe als eerste naoorlogse stad een burgemeester aan het stadsroer te hebben die een onderduikende Joodse familie in levensgevaar bracht en die dien ten gevolge daarvan omgebracht werd. Niettemin kon Frans Schokking van november 1949 tot juli 1956 burgemeester van de stad blijven en daarna zijn carrière vrolijk voortzetten. Niet zo vreemd omdat degene die de taak opgelegd kreeg oorlogsdelinquenten op te sporen met zijn Bureau Nationale Veiligheid  zelf niet zuiver op de graat was; hij was tijdens de bezettingsjaren een van de drie oprichters van de fascistische Nederlandse Unie, die de Nieuwe Orde erkende.

Den Haag was bovendien één van de steden waar de zuivering van de foute politie niet voltooid kon worden.  In die stad kregen burgers slechts drie dagen de tijd de collaborerende en/of Jodenjagende agenten bij de korpsleiding aan te geven. Wat in de chaos van de bevrijding en het navrante feit dat alle overlevenden van de Holocaust nog niet terug uit internering waren, en de minder gelukkigen helemaal nooit aangifte konden doen, dus ondoenlijk was. Drie dagen de tijd krijgen om aangifte te doen van wat zich over vijf bezettingsjaren afgespeeld heeft, was er dan ook de oorzaak van dat een onbehoorlijk aantal foute politiebeambten, waaronder ook de zogenoemde Schalkhaarders na de oorlog gewoon weer aan de slag kon.

Binnen het politieapparaat was dus nog aanzienlijk grofvuil actief. Of dát echter de reden was dat aangifte doen van grove uitingen van antisemitisme geen kans maakte, weet ik niet. Maar persoonlijk was ik getuige van verscheidene schrijnende gevallen in de beginjaren vijftig tot en met de jaren zeventig van antisemitisme, die om wonderlijke redenen uit de politiedossiers verdwenen dan wel niet vervolgd werden, dan wel heel er gemakkelijk in het bakje sepots terechtkwamen.

In de straat waar ik in de jaren vijftig en zestig woonde waren enkele families actief met het plegen van antisemitische uitingen. Van het stereotiepe “rotjood” tot en met het “ze hebben je vergeten te vergassen” van volwassenen tegen nota bene een kind, leidde ruim tien jaar na de Tweede Wereldoorlog niet tot vervolging.

Een duo rechercheurs, kwam ons ter ore via een toevallige getuige van dit voorval, had bij een van de beklaagde families zelfs gezegd Dat de joden altijd wat hebben. Het tegen een kind roepen dat ze het hebben vergeten te vergassen, werd dus niet vervolgd. In die straat bleek een der aanstichters van het antisemitisme nieuwe bewoner te zijn. Met name de heer K. vond er genoegen in voor het venster met de vinger haakneusbewegingen te maken, antisemitische zinnetjes te roepen en zijn buurtgenoten te vergiftigen.

Het was dan ook wrang toen ondergetekende op dertienjarige leeftijd op het politiebureau geroepen werd wegens het beledigen van een nette medeburger, die o arrogantie ten top, het niet pikte dat zijn antisemitisme beantwoord werd. De vraag, waarom de plegers van het antisemitisme niet ten burelen geroepen werden, bleef dan ook zonder antwoord in de vieze lucht van Den Haag hangen.

Dat de heer K. zelf kort daarop toch nog de landelijke pers zou halen was niet vanwege zijn antisemitisme, maar omdat hij zijn werkgever voor grote bedragen bestolen had en op de vlucht richting DDR opeens bedacht dat hij als ex-priester en ex-SS’er het in dat land waarschijnlijk zeer moeilijk zou krijgen, en dus toch maar uit de trein stapte. Waarom een oud-SS’er die na de oorlog in recidive ging met zijn antisemitisme geen haarbreed in de weg gelegd werd, is voor mij tot op heden raadselachtig. Maar legpuzzels voltooi je pas als er nog maar enkele stukjes liggen.

Ruim 10 jaar later zou zich een ander vreemd feit voordoen. Mijn vader bezat de eigenaardige vaardigheid gezichten uit een dramatisch verleden nooit meer te vergeten. En dat bleek wederzijds want de gewezen SD’er en willige medewerker van de bezetter Van L., die in het Durgangslager Westerbork behulpzaam was passagiers richting Auschwitz en Sobibor te krijgen, herkende mijn vader ook. En dat werd in de vroege jaren zeventig het begin van een reeks intimidaties door Van L. Met zijn Duitse herder en een paar alte Kameraden riep hij al provocerend bij mijn vader herinneringen op aan de tijd dat mijn familie in dat kamp handenwringend en tandenknarsend op de laatste reis wachtte.

Over Van L. wist mijn vader dat hij betrokken geweest zou zijn bij fusillades en mishandelingen, maar of hij er ooit voor veroordeeld was, kon mijn vader niet achterhalen. Noch bij het toenmalige Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie, noch bij dr. Loe de Jong, noch bij Lodewijk de Beaufort die vanwege het feit dat journalisten in die dagen wél oorlogsmisdadigers konden vinden waar justitie op de handen bleef zitten, in allerijl aangesteld werd om haast te maken met de zoektocht naar deze gruwels van de Tweede Wereldoorlog.

Veroordeeld voor zijn wandaden in bezettingstijd of niet, voor de mishandeling van mijn vader en de antisemitische tirade op die avond in de jaren zeventig werd Van L. zeker niet veroordeeld, want de aangifte bleek om een raadselachtige reden terzijde gelegd te zijn. Het leerde in ieder geval dat je in Den Haag en zoveel jaar na de Tweede Wereldoorlog maar beter geen aangifte van antisemitisme kon doen, tenzij je de kwelling voor jezelf nog groter wilde maken. Van de ongeveer vijftig gevallen waarmee ik vanaf mijn kindsjaren zelf geconfronteerd geweest ben, heb ik dan ook nimmer aangifte gedaan.

Na 1945 en een nie wieder was de eerste stad waar, in tegenstelling tot wat sommigen denken niet het Amsterdam van Job Cohen, maar het Den Haag van de toenmalige burgemeester Wim Deetman dat een Jood buiten de stadspoorten liet jagen.  Deetman liet toe dat keppeldrager Marc Kalmann dertien jaar geleden door de prille voorgangers van ISIS, de stad uitgejaagd werd. En nadat gedaan werd alsof de man alles maar dan ook alles uit zijn duim gezogen had, viel de gehele Nederland pers erover om er een gevalletje Croiset van te maken. Tot een Marokkaanse welzijnswerker toegaf van zeker één zo’n geweldsincident tegen Kalmann getuige te zijn geweest. Maar dat pas nadat Kalmann uit Nederland vertrokken was.

Nu kwamen in die dagen wel vaker zaakjes aan het licht die om allochtonen (maar lees moslims) niet te stigmatiseren verduisterd werden. Dat in Den Haag moslims een tweede antisemitisch joelfeest konden houden, valt daarom op te vatten als symptomatisch verschijnsel in een lange reeks.

Dat deze keer Jozias van Aartsen een vuile rol speelt en zich liever niet bezighoudt met de dreiging die van het moslimextremisme uitgaat, maar zich daarentegen graag ontfermt over kleine overtredingen zoals een kapot achterlicht, was al duidelijk.

Hoewel hij steen en been klaagde over zijn te kleine politiële bemanning in de strijd tegen de criminaliteit, werd die in de vroege duisternis in de winter wel ingezet voor achterlichtrazzia’s, maar kwam de politie handen te kort de criminaliteit aan te pakken. En dat terwijl het toenmalige kabinet toch plechtig beloofd had de politie nog slechts voor de echte zaken in te zetten, bleef de burgemeester erin volharden fietsers die nog wél bereid waren naar hun werk te fietsen rond 7.00 uur in een ijskoude winterse oostenwind van de fiets te trekken.

In de Schilderswijk en andere wijken waar de mens op dat moment nog op één oor lag of de eerste plannen smeedde voor een toekomstige ISIS, of doodsbedreigingen aan het adres van Wilders zat te typen, was echter geen politieagent te bekennen.

Er werd in Den Haag na eerst door boze Turken gekraakt te zijn, een historische synagoge tot moskee omgebouwd. En dat kon makkelijk, want de Joden van de Wagenstraat en omgeving waren tijdens de bezettingsjaren al omgebracht met hulp van de gemeente Den Haag en de plaatselijke politie. Waarom de Turken wel een synagoge maar geen kerk kraakten, want daar waren de bezoeken ook sterk afgenomen, heeft destijds niet tot nadenken uitgelokt, maar blijkt nu toch in een heel ander perspectief te plaatsen.

Maar er was meer. Na iedere ramadan slenterde een lange stoet boze moslims van de Amerikaanse naar de Israëlische ambassade om daar voor het eerst in Nederland openlijk, maar dan wel in een exotische taal, antisemitische teksten te vervoeren. Dat het uiteindelijk uit kwam, was meer toeval dan wijsheid.

Dat het eerste kunstwerk in Nederland dat de boze baarden niet beviel en dus weggehaald diende te worden toevallig in de Openbare Bibliotheek van Den Haag hing, was misschien toch niet zo toevallig. Toen vond men het nog begrijpelijk dat lange tenen zwaarder wogen dan het recht op kunstuiting. Al was dat wel even anders toen Joden zich door het toneelstuk Het vuil, de stad en de dood van de enge Duitser Rainer Werner Fassbinder met antisemitische stereotiepen beschimpt voelden, en gans links Nederland voor de uitvoering was. Het toneelstuk kwam dus uiteindelijk toch op de planken, de opera Aisha dus niet, want Joden kwetsen kon, moslims niet, volgens de vertederende hersenkronkels van de linkse mens.

Enkele jaren geleden kreeg ik een alarmerend bericht binnen. Een oudere vrouw en haar zoon – haar moeder kon zich aan een zeker lot in Auschwitz onttrekken omdat ze tijdens de bezettingsjaren in een Haagse kerk kon onderduiken – was een der slachtoffers van de Haagse cultuur van ander volk eerst en raakte in een volledig geestelijk isolement in haar ooit aangenaam opgezette woonwijk.

In plaats van een regiment agenten neer te zetten om de zaak daar eens goed in de smiezen te houden, tekende op 5 maart 2010 burgemeester Jozias van Aartsen  EEN MACHTINGING TOT BINNENTREDING IN EEN WONING om de keukengeiser van anderhalf jaar oud van deze vrouw te laten inspecteren door de mannen in de lange lederen jassen. Want wegens haar geklaag moesten niet de veroorzakers van de klachten maar werd de klaagster de mond gesnoerd.

Niet veel later kregen niet de illegale en lastgevende bewoners van de wijk een verzoek tot verwijdering, maar juist zij en haar zoon een welwillend aanbod te verhuizen. Een geluk bij een ongeluk, want ze woont nu in volle tevredenheid in een kleine gemeente waar buren elkaars taal spreken en vriendelijk voor elkaar zijn.

Bij een kleine toetsing door ondergetekende bleken achter de autochtone namen van de telefoonnummers ter plaatse geen legale autochtonen maar illegale vreemdelingen te schuilen die geen duimbreed in de weg gelegd werden. Maar Jozias van Aartsen had nu eenmaal zo zijn voorkeuren.

Toen in de door de massa-immigratie volgestouwde wijken de criminaliteit en het geweld minarethoog stegen, bedachten zalvende theedrinkers het plan der buurtvaders. Dat plan kreeg zelfs de Hein Roethof-prijs toegekend. Maar in de dagen dat in verscheidene probleemwijken van het land buurtvaders tot diep in de nacht over straat slopen, liet ik er al geen misverstand over bestaan dat een parapolitiële organisatie van moslims in wijken waar toen nog een gemengde bevolking woonde een voorbode zou worden van erger.

Dat sedert de stichting van het leger van buurtvaders de criminaliteit niet afnam, het geweld juist toenam, en moslims zelfs zodanig doorschoten in de radicalisering dat die zoals uit afgelopen weken bleek ongehinderd door de nette medemoslims en buurtvaders, antisemitische joelfeesten konden houden en Jozias van Aartsen er een goedgekeurd op kon stempelen, zal echter niet alleen Joden de rillingen over de rug bezorgen. Die vormen, zoals ik hier onlangs nog schreef slechts de kanarie in de kolenmijn.

Het was Bob Smalhout die op 22 november 2003 in de Telegraaf, in een tijd toen dat nog volstrekt niet door de beugel kon, het Hamas, Hamas Joden aan het gas (zo lang is dat dus al aan de gang!) door moslims, met de straatschenders van de SA tijdens het Duitse interbellum vergeleek.

Vrijwel de gehele linkse tearoom duikelde moraliserend over hem heen. Toen ongeveer was het nog mogelijk een keerpunt in te lassen om erger te voorkomen. Maar het legertje van stads- en landsbestuurders koos voor pappen en nathouden. Terwijl de politie toekeek en Pechold uitriep dat bij antisemitische spreekkoren niet aan het ergste gedacht moest worden, ging het van kwaad tot erger en schreeuwen met regelmaat stromen moslims nu hun haat uit.

Met de geest uit de fles, weet je dat je die niet meer door de slanke flessenhals teruggeduwd krijgt. Een dorpsgek die niet eens in staat was zijn simpele rechtenstudie te voltooien mocht dan Wilders wegens diens standpunt over de toetreding van Turkije tot de EU uit de VVD geflikkerd hebben, nu de VVD zelf een vent in dienst heeft die het antisemitisme accepteert, wordt het voor die partij moreel heel erg problematisch.

Want Jozias van Aartsen die toestond vanaf daken van gewone woonhuizen luidsprekers à la Hitler in zijn beste dagen maar dan op zijn Arabisch over het Haagse volk te laten schallen, die uitsprak dat hij de teruggekeerde ISIS-moordenaars met rust zou laten en nu tot twee keer toe in Den Haag antisemitische joelfeesten toegelaten heeft, is wel een prominent lid van die VVD.

De stad waar ondergetekende zich niet meer veilig voelde en dus verliet staat nu nummer 1 als jihadcity te boek. Ik heb het allemaal zien opkomen en voel me opgelucht dat ik er niet meer woon.

Maar Jozias van Aartsen zit er nog steeds.

juli 12, 2014

Moorddadig Europa, Israël en een Haags antisemitisch joelfeest

screenshot_196Hengelend naar het antwoord op de vraag wat toch in godsnaam proportioneel reageren is op de toch al vele jaren voortdurende rakettenregen van Hamas op Israël, blijft bij mij een andere vraag als visgraat in de keel hangen. Israël is in gevecht met het oorlogszuchtige Hamas, maar wat hadden de Westerse milities dan te zoeken in Afghanistan, Libië en Mali, die toch geen buurlanden van Europa zijn, maar waarover politieke partijen die nu het zich verdedigende Israël zwaar op de vingers tikken, zich toch geroepen voelden militair optreden tegen moslimterreur te fiatteren.

De moslimterroristen schoten geen duizenden raketten af op het Europa dat nu Israël moreel staat te betuttelen. Maar dat over Israël weeklagende Europa stopte niet met het optreden in Afghanistan, Libië en Mali nadat gebleken was dat de burgerslachtoffers er bij bosjes vielen.

Wat is dat toch, dat Europa mag bombarderen zonder dat het zelf van een rakettenterreur slachtoffer is, maar het Israël verboden wordt zich te verdedigen?

Ja, wijsneus Rob de Wijk zal natuurlijk zeggen dat de Taliban straks naar Europa komen als ze niet eerst in Afghanistan overhoop gebombardeerd zijn. Maar dat blijkt dus helemaal niet te lukken zonder dat er een massa burgerslachtoffers bij valt. En het is nog maar de vraag of de Taliban zo graag naar Europa willen verkassen. ISIS staat er immers al te popelen om te doen wat de Taliban nu in Afghanistan aan het doen zijn.

Toch vandaag geen demonstratie in Den Haag tegen ISIS, de 160.000 slachtoffers van het islamitisch moorddadige antagonisme in Syrië, of de Nederlandse betrokkenheid bij de burgerslachtoffers in Afghanistan, Libië en Mali, maar gestampvoet tegen de voele jeuden zoals ze ons in Grunningen wel eens noemden. Vanaf het Haagse Spuiplein begint straks een stoet voor een antisemitisch joelfeest tegen de zo gehate zelfverdedigende jeuden van Israël. Ja, het is erg dat die zich niet opnieuw met de handen op de rug laten afvoeren maar terugslaan.

Zou Europa iets van kunnen leren nu de luitjes ISIS de rol van de Taliban in Europa gaan vervullen.

 

Hakenrkuis en HitlerNou, het was me een dagje wel bij het joelfeest in Den Haag, want Hakenkruis en Hitler waren er ook weer.

ISIS komt ook langsISIS kwam ook even jammeren.

juni 18, 2014

Wie ruimt de rotzooi van Frans Timmermans en Jozias van Aartsen op?

Geert-Wilders-anti-islam-stickerAls uitgeverijen van wetenschappelijke werken dan nog niet gelijkgeschakeld zijn aan de nieuwe orde, zullen in een ooit historici zich over deze tijd buigen, zoals zij dat ook deden over de tijd waarin het fascisme en nationaalsocialisme opkwamen. In de laatst genoemde literatuur heb ik inmiddels bijna een halve eeuw leeservaring opgedaan en moeten concluderen dat het fascisme en nationaalsocialisme zonder al te veel tegenstand konden groeien. Analoog aan die tijd zie je zonder al te veel tegenstand de invloed van de islam groeien. Mochten de historische werken die over deze tijd het licht doen schijnen ooit geschreven worden, dan zullen Frans Timmermans en Jozias van Aartsen daar zeker niet in ontbreken als nuttige of onnuttige idioten die de islam ter wille waren.

Frans Timmermans, die in Riyad nog bezig is de rotzooi van Wilders op te ruimen, maar even laten voor wat hij is. Deze keer over de Haagse burgemeester en top-VVD’er Jozias van Aartsen, die de eer toekomt veroorzaker te zijn van de PVV. Als fractieleider van de VVD in de Tweede Kamer bedacht hij de buitengewoon zonderlinge partijdoctrine het VVD’ers te verbieden tegen toetreding van Turkije tot de EU te zijn. Het werd de schop onder het zitvlak van Geert Wilders en de oprichting van de PVV lag in het verschiet. Het vermogen tot politiek vooruitkijken bij Jozias van Aartsen ging kennelijk niet verder dan de alsmaar rammelende hete aardappel in zijn strot, want inmiddels zijn er nog maar weinigen die erover peinzen Turkije EU-lid te maken, naast dat de PVV de VVD in de schaduw gezet heeft.

Dat Jozias van Aartsen met op zijn rug de ambassadeur van Saoedi-Arabië meekijkend om Nederland te kunnen boycotten, de ISIS-demonstratie van aanstaande vrijdag niet wil verbieden, past dan ook geheel in die legpuzzel met het portret van de burgemeester.

De smoes dat er geen juridische middelen zijn de demonstratie, die zeer waarschijnlijk nog meer enthousiasme voor ISIS zal opwekken, te verbieden, is slechts gelul in de ruimte. Als hij op een Haags station een tiener die kennelijk een verkeerde beweging maakt, dood kan laten schieten, moet het ook mogelijk zijn een paar andere ventjes, die het plan hebben met zwarte vlaggen te vendelen, die uit handen te grissen. Achteraf kunnen die ventjes dan altijd nog naar een D66-rechter stappen om verhaal te halen.

Dat Jozias van Aartsen inmiddels een behoorlijke recidive opgebouwd heeft in het op fluweel zetten van de islam zodat die kon uitgroeien tot de draak die die nu is, kan ook blijken uit de weigering de luidsprekers met brallend Arabisch van de daken van gewone woonhuizen te verwijderen. Ook toen riep hij dat hij geen rechtsmiddelen had, maar wandelen de mannen in de lange lederen jassen wel met een duimstok langs Haagse terrassen om te beoordelen of die niet een centimetertje uitsteken. In mijn Haagse tijd hield de politie zelfs razzia’s om terrassen op tijd te ontruimen en fietsers in hun barre tocht richting werk op te houden om ze geld uit de zak te struikroven.

Dat Jozias van Aartsen onder het waakzame oog van de ambassadeur van Saoedi-Arabië riep dat hij de uit Syrië teruggekeerde jihadstrijders met rust zou laten, maar daarentegen wel dwingende redenen zag Wilders uit de fractie te trappen, maakt van deze burgemeester in vredestijd een burgemeester in oorlogstijd. Een burgemeester die prominent genoemd zal worden als de vraag gesteld wordt, hoe het in godsnaam toch zo ver heeft kunnen komen.

Nou, simpelweg, omdat hij het Comité van Waakzaamheid dat in alle vroegte al naar de islam wees als veroorzaker van onheil, de wijsvinger afhakte en vervolgens aan de high tea met de pink omhoog met de islam ging.

Mochten lezers denken dat het allemaal in Amsterdam begonnen is, nee echt niet. Het eerste keppeltje dat door moslims belaagd werd, werd in Den Haag gedragen. De eerste kunst die op aandrang van boze baarden gecensureerd werd, moest uit de Haagse Openbare Bibliotheek verwijderd worden. Het Hamas, Hamas, Joden aan het gas klonk al voor de Israëlische ambassade nog voordat het door Amsterdam een spoor trok. En voor wie het zich niet meer herinnert, het was Jaap de Hoop Scheffer die als toenmalig Tweede Kamerlid voor het CDA, erop wees dat de jaarlijkse spookbrigade die na het einde van de ramadan in Den Haag met enorme portretten van de ayatollah een zwarte mars van de Amerikaanse naar de Israëlische ambassade trok, dat met vreemdtalige antisemitische teksten in de vaandels deed. En laat het eerste ISIS-geschreeuw ook in Den Haag begonnen zijn.

In dat Den Haag dus begon de victorie van ISIS, met de aansluitende vraag, wie ruimt de rotzooi van Frans Timmermans en Jozias van Aartsen op.

maart 2, 2014

Haagse herinneringen (1)

Plaats 13 en 13 aVandaag geef ik het woord aan een dame die het Den Haag van mijn jeugd goed kent en die haar schat aan herinneringen in een serie impressies graag aan de lezers wil offreren.

Haagse herinneringen (1)

Nadat mijn vader uit Indië terugkwam en een tijdelijk onderkomen bij zijn ouders in de Bankastraat kreeg, vond hij een“flat” op De Plaats.

Wie het Den Haag van de jaren 50 – 60 kent weet dat daar toen gewoon verkeer langs reed en dat je in het midden van De Plaats je auto kon parkeren. Er waren winkels zoals Caminada, de grammofoonplatenzaak, van Kempen en Begeer, de juwelier op de hoek, Elizabeth Arden, een Indisch restaurant (1), waarvoor je na de voordeur eerst de trap naar boven op moest voor je er aan tafeltjes kon gaan zitten. En er was IBM waar je door de grote ramen nog grotere computers kon zien staan. En naast de IBM was nummer 13.

De voordeur van nummer 13 was nietszeggend, maar eenmaal binnen werd je verrast door het enorme trappenhuis. Het leek daar binnen op een groot huis uit de een of andere Wild West-film. Een statige trap, die in een ovale wending naar etages leidde, waar zich links en rechts deuren bevonden als je boven kwam. Je kon zo vanaf de balustrades naar de lege ruimte beneden kijken. Het was er donker en stil. Je zou eigenlijk ieder moment een butler verwachten, die met een dienblad uit een van de deuren zou komen. Maar nee, dat gebeurde geen enkele keer toen ik daar naar boven liep.

Op de bovenste en ik meen derde etage was een deur naar de flat van mijn vader. Het was een wonderlijke flat met bochtende muren. Misschien moet ik eens het kadaster raadplegen om te zien uit welke periode deze gebouwen dateren. Er waren twee kamers, een keukentje en een badkamer met wc. Gelukkig was er een groot raam in de zitkamer, waardoor veel licht naar binnen kwam en waardoor je een riant uitzicht op de stad richting Passage had.

Mijn vader woonde daar knus en opgeborgen. Mijn zusje en ik kwamen er af en toe en dan deden we de schoonmaak, want daar had hij geen kaas van gegeten. Pa was een rustige man, die of las, of puzzelde of over het schaakbord gebogen zat. En soms ging hij uit om te biljarten. Veel conversatie had ik niet met hem, maar hij genoot op zijn manier van mijn aanwezigheid.

Beneden hem woonde zijn landlady. Het was een oud dametje en ik meen niet al te goed ter been. Mijn vader deed dan wel eens wat boodschappen voor haar. Ik heb haar nooit ontmoet, tenminste niet dat ik me dat herinner. Maar vader kon het dus best met dit mensje vinden. Ze kende niet veel mensen, had geen of nauwelijks familie. Op een dag overleed zij en ik weet niet hoe het is gekomen, maar mijn vader zou naar haar begrafenis gaan. Mijn zusje en ik besloten hem daarbij te steunen en ook omdat we wisten dat er niemand anders zou komen.

Wat een akelige bedoening dat was! We waren met vader meegereden naar het kerkhof en daar kwam dan de auto met het dametje in haar kist. Ineens kwamen er nog twee mensen, een dame en heer, die zich voorstelden als familie, zij was de een of andere nicht. En daar stonden we dan bij het graf met zijn 5-en en 2 begrafenismannen waarvan een nog enkele woorden sprak. Mijn zusje had een bosje lelietjes van dalen in haar hand, maar wist niet goed wat het juiste moment was om die op de kist te leggen. De 2 begrafenismannen lieten de kist langzaam zakken. Ik heb toen nog snel het bosje bloemen van mijn zusje overgenomen en op de kist “gemikt” en gelukkig kwam dat mooi op het midden terecht. Er waren geen bloemen, geen toespraken, niets. Alleen een paar zwijgende mensen en dat ene bosje lelietjes van dalen dat samen met de kist en het dametje de eeuwigheid in ging. Wat een raar idee allemaal, de lelietjes van dalen, nog fris en heerlijk ruikend onder de aarde bedolven.

Toen het voorbij was vroeg de nicht of wij nog mee wilden om een kopje koffie te gaan drinken. Nou, daar hadden we juist erge trek in. We hebben toen nog gedurende dat kopje koffie een beetje over het dametje gesproken waarna we ieder weer onze eigen weg kozen.

Het oude huis, waar de flat van mijn vader ook toebehoorde, werd verkocht door de erfgenamen. Wie die ook hebben mogen zijn. Mijn vader vond wel weer een andere plaats. Maar vandaag ben ik toch wel benieuwd wat er nu in dat huis zit. Een of ander kantoor misschien? Of zou er werkelijk weer iemand wonen?

1. Was het Indisch restaurant Kota Radja

Tags:
januari 15, 2014

Jozias van Aartsen gaf een criminele bende een jaartje carte blanche

Jozias deelt wit uitDen Haag, dat weldra een PVV-overmacht in de gemeenteraad wacht, liet een jaar lang een horde overwegend allochtone criminelen zijn gangetje op het criminele pad gaan om, zoals de politie zelf beweert, genoeg bewijzen te verzamelen om er een zaak tegen te beginnen. Dat wil letterlijk zeggen, dat gedurende dat jaar burgers, en onder toeziend oog van de politie, zwaar risico liepen slachtoffer van een misdrijf te worden omdat de politie zo graag een succesje wilde oogsten. En omdat er niet altijd mankracht genoeg was om alle delicten te volgen, viel daarvan natuurlijk ook een aantal buiten de waarneming van de politie.

Het is zeker niet onwaarschijnlijk dat daarbij ook sprake kon zijn van levensbedreigende situaties, zoals bij geweldpleging of zelfverdedigingacties. En omdat de politie niet over een goedwerkende glazen bol beschikt, kon die dat ook niet voorzien, maar op voorhand evenmin uitsluiten.

Anders gezegd, de politie heeft na risico-overweging besloten deze criminele bende een jaar lang op de Haagse bevolking in te zetten zonder pogingen te doen de misdrijven te verhinderen. Het verzamelen van bewijsmateriaal was belangrijker dan het beschermen van de slachtoffers of het voorkomen van het maken van slachtoffers.

Nu zijn de ingezetenen van het Koninkrijk der Nederlanden wettelijk verplicht bij kennis van ernstige misdrijven hiervan aangifte te doen. En omdat ook de politie en de burgemeester Jozias van Aartsen, tot deze ingezetenen gerekend mogen worden, zou hier wel eens sprake kunnen zijn van een ernstig vergrijp jegens de Haagse burgers.

De criminelen hebben een jaar lang vrijelijk en onder het beschermende oog van de politie en de burgemeester kunnen toeslaan. Ze hebben onder dezelfde aanlokkelijke staat van politiële instemming kunnen profiteren van de revenuen van hun misdrijven.

Gedurende dat jaar werden burgers blootgesteld aan risico’s waar de staat ze juist tegen in bescherming diende te nemen. In die periode werden aangiften tegen deze bende terzijde geschoven om een “hoger doel” te dienen.

Het schamele “hoger doel” is dat er slechts 11 aangehouden werden, maar het gros de weg naar de top kan voortzetten. Dat zouden slechts meelopers zijn. Van de 77 bendeleden lopen er nu 66 nieuwe plannen te smeden. Een getal dat meteen bepaalde associaties oproept.

Nee, namen noemen we niet.

december 9, 2013

Racistische en discriminatoire maatregelen tegen EU-burgers door Rotterdam en Den Haag

stopracisme_1De dreigende toestroom per 1 januari van Bulgaren en Roemenen, die vanaf die datum ook kunnen profiteren van het Schengenverdrag, blijkt bij de college’s van burgemeester en wethouders van Rotterdam en Den Haag zulke grote hoofdbrekens op te leveren dat de hoofden bij elkaar gestoken werden om deze medebewoners van de EU afwijkende regels op te leggen: Rotterdam en Den Haag willen Roemenen en Bulgaren weren van de arbeidsmarkt als ze overlast dreigen te veroorzaken. Tegen de wil van het kabinet in krijgen de immigranten geen burgerservicenummer als er twijfel is over hun verblijfplaats.

Nu valt zulk racistisch en discriminatoir gedrag doorgaans slechts PVV’ers aan te rekenen, zij het dat PVV’ers nergens bestuursmacht uitoefenen. Dus ook niet in de gemeenten Rotterdam en Den Haag.

Even voor de duidelijkheid, Rotterdam wordt bestuurd door de PvdA, CDA en GroenLinks. Over Den Haag zwaaien de VVD, PvdA, CDA en D66 de scepter. En ja, in beide colleges hebben ook allochtonen als wethouder en in Rotterdam zelfs als burgemeester zitting.

Nu herinneren we ons nog de ontboezemingen van Alex Brenninkmeijer over het onbespreekbare racisme, en dat de PVV daarin toch een grote vinger in de pap heeft. Maar dan toch, hier de in Turkije geboren Rotterdamse PvdA-wethouder Hamit Karakus aan het woord over de maatregel: De ambtenaren van minister Plasterk zeggen dat we dit niet kunnen doen volgens de wet. Maar we gaan het zo doen en de minister moet dan maar zeggen dat het niet kan en waarom.

Nu werd het Wilders alom verweten dat hij een Polenmeldpunt in het leven riep. Hij zou daarmee stigmatiseren en vooroordelen in de hand werken. D66-wijsneus Rob de Wijk schreef zelfs dat Nederland dankzij de PVV een Roemeense order misgelopen zou hebben. Nou, dat wordt dan heel veel orders mislopen met de acties van de Rotterdamse en Haagse stadsbestuurders in het vooruitzicht.

Razzia’s? Ausweis? Een dikke R of B in het paspoort? Een speciaal politieteam van Bulgaren- en Roemenen-jagers er op afsturen?

Blijft een vraag stevig op de tong branden, waarom wel zulke ferme maatregelen tegen EU-burgers, maar viel heel links Nederland over de gewezen LPF-minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie Hilbert Nawijn, toen die een luchtballonnetje vulde met het idee criminele Marokkanen het land uit te werken.

Nu maar zien of Job Cohen zijn gewezen protegé Ahmed Aboutaleb eens flink de les gaat lezen.

november 20, 2013

Dag Den Haag

Dag Den HaagTwee berichten die mij intrigeren. Het ene gaat over een partijtje jammeren van de Haagse Partij van de Eenheid (PvdE) van uitgetreden PVV’er en inmiddels moslim geworden Arnoud van Doorn. De partij ergert zich aan het ronselen van informanten onder moslimjongeren door de AIVD. Kennelijk ziet de organisatie die het land moet beschermen tegen terreur, geen ander middel dan hetzelfde te doen als hetgeen Al Qaida in de mij zeer vertrouwde Haagse dreven pleegt. Het komt op mij over als een wanhoopsdaad van de AIVD, maar alles beter dan op de handen zitten wachten tot het helemaal spaak loopt.

Het andere bericht is niet minder benauwend, maar inmiddels een vertrouwd verschijnsel. Een kind van ongeveer 10 jaar trapt een vrouw van 86 omver, een ander kind van circa dezelfde leeftijd als die andere adder in het ooit zo groene Haagse gras, gaat er met haar tas vandoor.

Ooit was ik zelf 10 in Den Haag. We waren zeker geen lieverdjes, maar opgroeien om ergens in een burgeroorlog mee te moorden, of een oudje van haar steunzolen schoppen om haar vervolgens te beroven, zat er zeker niet in.

We hebben de afgelopen halve eeuw moeten leren omgaan met een veranderende levensstijl. Hoewel we zelf zeker minstens zo berooid waren als degenen die na van verre gekomen te zijn nu beweren berooid te zijn, verplaatsten we geen bezit van eigenaar naar onszelf. Evenmin meldden we ons aan voor een moorddadig opstandelingenleger.

Maar helemaal onschuldig was ik niet. Op tienjarige leeftijd had ik de beelden gezien van de voor hun vrijheid knokkende Hongaren, die met lede ogen moesten toezien hoe de bulderende tanks van de Russen de vrijheidsstrijders met zwaar geweld mores kwamen leren.

Bij de groenteboer wist ik een sinaasappelkistje te schooieren om het te vullen met spulletjes teneinde die ten bate van de Hongaren te verkopen. Het leverde 10 harde guldens op die keurig op het nabijgelegen postkantoor voor de Hongaren gestort werden. Mijn eerste politieke actie, moet ik bekennen.

Niet kort daarna kwam een jonge Hongaarse kunstenaar een kamer huren bij de buren. Een kamer verhuren in de toch bepaald niet grote portiekwoningen was in die dagen van materiële schraalheid geen uitzondering.

Hij was een vriendelijke man die altijd tijd had voor een vriendelijk woord voor ons nieuwsgierige kinderen. Van de Hongaren van 1956 heeft de Nederlander nimmer enigerlei mate van hinder ondervonden. Het was een tijd dat het niveau aan criminaliteit zo gering was, dat de verschijning van de statige agent op zijn Fongers al genoeg was om het hele zaakje in het gareel te houden.

Ruim een halve eeuw later ziet dat er wel even anders uit. Maar dan ben ik al een half jaar uit Den Haag verdwenen. En ik wrijf nog steeds tevreden in mijn handen om de toen genomen beslissing de stad te verlaten.

november 1, 2013

Haagse cultuurbarbaren slaan weer toe

DrolEr is waarschijnlijk geen stad in het land te vinden waar zoveel architectonische hoogstandjes door megalomane bestuurders en nieuwbakken architecten kapotgebombardeerd werden als mijn vorige woonstad Den Haag. Architectonische stijlperioden werden zonder grommende Duitse Heinkel-bommenwerpers met de grond gelijkgemaakt. En omdat Den Haag daar kennelijk een ideologie van gemaakt heeft, kon je er vergif op innemen dat het cultuurpaleis, dat zonder twijfel veel meer gaat kosten dan het geraamde bedrag van  181 miljoen euro, wederom jarenlang voor een enorme bouwput zal zorgen om er architectuur die er pas vanaf 1987 staat met de grond gelijk te maken.

Mijn bestaan in Den Haag bestond er vooral uit te zigzaggen tussen de bouwputten, omdat iedere zichzelf respecterende politicus er zijn eigen keutel moest en zou deponeren. En dan mag het zo zijn dat de hondeneigenaren een zware boete krijgen voor ieder achtergelaten keutel, de bestuurder heeft aan ongewenste bouwwerken een enorm riool aan stront achtergelaten, dat om de kwarteeuw geruimd moet worden met nieuwe stront.

Nog herinner ik me goed dat Rudi Fuchs als directeur van het Haags Gemeentemuseum het plan opperde om grootse kunst van Monet en Picasso in de ramsjt te doen om stront aan te kopen. Met een schuldenlast van 4 miljoen voor de arme burger verliet hij het museum.

Vergelijk Den Haag maar eens met een door de geallieerden hevig gebombardeerde Duitse cultuurstad, waar kranige Duitsers zich in het zweet en uit de naad gewerkt hebben om hun cultuuridioom in oude luister te herstellen.

Bestuurders zonder enig respect voor cultuurhistorie beheersen Den Haag, veinzen cultuurminnaars te zijn, maar trekken als Heinkel-bommenwerpers een vreselijk spoor van vernielingen door de stad.

Tussen het tot beton veroordeelde Scheveningen, tot en met het te bouwen cultuurpaleis, liggen miljarden gemeenschapsgeld te rotten in het Haagse grondwater. En dat kan makkelijk, want de hondstrouwe belastingslaaf zit gevangen in het monopolie van geweld waarmee Vadertje Staat de burger het zwijgen oplegt. De driekwart Hagenaars die tegen deze bombastische drol zijn, trekken daarom aan het kortste eind.

Maar dat kortste eind zou wel eens een kort lontje kunnen zijn, want hoelang nog kunnen bestuurders voor een explosieve stemming in het land zorgen zonder dat de boel uiteenspat?